Thema: Financiën

Kleine Scholen Coöperatie niet mogelijk

31 oktober 2014

Staatssecretaris Dekker van OCW haalde deze week een streep door de plannen van de Kleine Scholen Coöperatie om te experimenteren met een coöperatie als bestuur van kleine scholen.

In bepaalde regio’s neemt het bevolkingsaantal, en daarmee ook het aantal kinderen, af. In die gebieden worden sommige scholen zo klein dat hun voortbestaan wordt bedreigd. Hier wordt gezocht naar oplossingen om die scholen toch open te houden. Een manier die wordt voorgesteld is om scholen onder te brengen in coöperaties. Een coöperatie kan worden gezien als een vereniging die als doel heeft om te voorzien in de economische behoeften van haar leden. Daarin verschilt het van een vereniging of stichting. De coöperatie exploiteert een bedrijf door het aangaan van overeenkomsten met haar leden. Op deze manier kunnen ouders en dorpsgemeenschappen zelf een basisschool besturen. Zo wordt voorkomen dat kleine scholen in krimpregio’s sluiten. De Kleine Scholen Coöperatie (KSC), een samenwerkingsverband tussen zeven kleine scholen, stelde voor om te experimenteren met deze nieuwe aanpak door de scholen onder te brengen in een dergelijke coöperatie.

De Tweede Kamer verzocht naar aanleiding hiervan het Nederlands Centrum voor Onderwijsrecht (NCOR) een advies uit te brengen. Het gaat hierbij om de juridische gang van zaken bij een coöperatie die dient als bevoegd gezag voor kleine scholen. Op 27 oktober overhandigde staatssecretaris Dekker dit advies aan de Tweede Kamer.

Advies
De vraag die in het onderzoek centraal stond was welke ruimte de wet biedt voor een coöperatie als bevoegd gezag voor kleine scholen. Deze scholen vielen tot dan toe onder een ander bestuur.

Het NCOR trekt een aantal conclusies. Ten eerste vindt het een coöperatie geen geschikte vorm om te dienen als bevoegd gezag van scholen. Van een scholencoöperatie is het niet altijd duidelijk wie de leden zijn, terwijl juist die leden belangrijk zijn voor een coöperatie. Hierdoor ontstaat een ingewikkelde manier van werken. De vraag is dan ook of een coöperatie wel een meerwaarde heeft ten opzichte van een stichting of vereniging. Ouders en dorpsgemeenschappen zouden dus beter een stichting of vereniging kunnen oprichten.

In de tweede plaats moet een schoolbestuur zijn bestuurstaken overdragen. Op dit moment kan een schoolbestuur daartoe niet worden gedwongen.

Ten slotte is de ruimte waarbinnen geëxperimenteerd kan worden, en de bekostiging daarvan, wettelijk vastgelegd. Binnen deze kaders is het niet mogelijk om coöperaties van kleine scholen van extra geld te voorzien. De KSC kan niet buiten de regels om experimenteren. Daardoor is er niet voldoende geld om het plan van scholencoöperaties te financieren.

Op basis van bovenstaande conclusies besloot de staatssecretaris om de KSC geen ruimte te bieden om te experimenteren met een samenwerkingsverband tussen zeven kleine scholen.

Lees hier het adviesrapport 'Coöperatie van kleine scholen'

Delen:

javhide.com sexsut.com