Thema: Kunst en Cultuur

Politieke ambities voor de brede school

14 augustus 2012

Met de verkiezingen voor de deur staat de brede school in de politieke belangstelling! In hun verkiezingsprogramma’s voor 12 september spreken partijen hun voorkeur uit over de inhoud en organisatie van onderwijs en zorg.

Moeten we de kinderopvang wel of niet stimuleren? Leren kinderen op school voornamelijk taal en rekenen of besteden we ook veel aandacht aan cultuur-, natuur- en sporteducatie? Moedigen we fusies in krimpgebieden aan of investeren we in kleine scholen? Bijna alle politieke partijen buigen zich over deze onderwerpen. Ook de bredeschoolontwikkeling krijgt ruimschoots aandacht. Hoog tijd om de verkiezingsprogramma’s eens naast elkaar te leggen en de balans op te maken!

Het CDA streeft naar onderwijs dat aansluit bij de thuissituatie, zodat ouders zorgen en werken beter kunnen combineren. Daarom wil de partij brede dagarrangementen stimuleren voor kinderen van 4 tot 12 jaar met veel aandacht voor cultuur en sport. Om dat te realiseren streeft het CDA ernaar de schotten tussen opvang en onderwijs weg te halen. De bezuinigingen op de kinderopvangtoeslag wil het terugdraaien om te voorkomen dat ouders stoppen met werken omdat de kosten voor kinderopvang te hoog zijn. Daarnaast wil de partij meer voor- en vroegschoolse educatie voor kinderen met een taal- en ontwikkelingsachterstand. Voor het CDA is het belangrijk dat het onderwijs voor iedereen beschikbaar is, ook in krimpgebieden.

ChristenUnie (CU) wil gezinnen met jonge kinderen een handje helpen door de kinderbijslag en het kindgebonden budget te verhogen en de kinderopvangtoeslag te verlagen. De partij vindt dat ouders hierdoor meer vrijheid krijgen om zelf keuzes te maken over de verdeling van zorg en arbeid. Voor kinderen met een taalachterstand trekt ook de CU extra geld uit voor voor- en vroegschoolse educatie. Daarnaast neemt de partij zich voor om onderwijskwaliteit in krimpgemeenten te verbeteren door vrijgekomen budget door teruglopende leerlingenaantallen in scholen in die regio’s te investeren. Ze wil geen bezuiniging op passend onderwijs en meer tijd voor scholen om het nieuwe stelsel zorgvuldig in te voeren.

D66 wil brede scholen met kinderopvang, VVE (vanaf 2,5 jaar), BSO, sport en cultuur. De partij wil inspelen op de individuele behoeften door extra aandacht te besteden aan excellente leerlingen en kinderen met een taalachterstand. Het onderwijs maakt meer gebruik van digitale leermiddelen en biedt naast taal en rekenen, ook lessen in sociale vaardigheden, creativiteit, natuur, geschiedenis en burgerschap. De partij investeert een fors bedrag in de bijscholing van leraren. Om kwaliteit te garanderen en de kosten te drukken wil ze fusies in krimpgebieden stimuleren. D66 wil voorkomen dat de expertise in het speciaal onderwijs door passend onderwijs verloren gaat.

Niet alleen op basisscholen, maar ook in het voortgezet onderwijs wil GroenLinks het bredeschoolconcept stimuleren. Hier is behalve voor taal, aandacht voor sport, kunst, drama en buitenspelen. Ook natuur-, milieu- en duurzaamheidseducatie en medialessen ziet GroenLinks graag terug in het onderwijs. Deze partij wil hogere salarissen voor leraren en juicht creatieve oplossingen voor kleine scholen in krimpgebieden toe.

De Partij van de Arbeid (PVDA) ziet de brede school, met onderwijs, opvang, sport en cultuur, als school van de toekomst. Daarom wil ze alle regels die de bredeschoolontwikkeling in de weg staan, afschaffen. Extra aandacht moet gaan naar de ontwikkeling van basisvaardigheden, rekenen en taal. Voor elk kind vanaf 2,5 jaar moet VVE een standaardvoorziening zijn en ook kinderopvang en tussenschoolse opvang is voor iedereen beschikbaar. De PVDA is positief over passend onderwijs, maar ze wil wel voldoende tijd en geld, met name voor de bijscholing van leraren. Een fusietoets voor grote scholen of scholengemeenschappen die willen fuseren moet voorkomen dat grote organisaties vanzelfsprekend worden.

Volgens de Partij voor de Dieren legt school de basis voor een duurzame en gezonde samenleving. Daarom heeft ze dieren-, natuur- en milieuonderwijs voor ogen op het primair en het voortgezet onderwijs. Verder wil ze investeren in gezonde voeding op school, schoolzwemmen, schooltuinen en media-educatie. De partij wil dat leraren goed worden opgeleid en een salaris krijgen dat hoort bij hun belangrijke werk. Kinderopvang moet volgens de Partij voor de Dieren veilig, betaalbaar en flexibel zijn, daarom wil ze niet bezuinigen op de kinderopvangtoeslag. De partij heeft een voorkeur voor kleine scholen.

Het budget dat scholen krijgen moet voor 80 procent aan onderwijs worden besteed, vindt de PVV (Partij voor de Vrijheid). Hierbij moet de aandacht vooral uitgaan naar taal en rekenen, maar de leerlingen krijgen ook meer les in vaderlandse geschiedenis. Kinderen moeten zich thuis voelen op school en daarom streeft de partij naar kleine scholen. De PPV wil geen bezuinigingen op het passend onderwijs of op kinderopvang.

De SGP vindt het een slechte zaak dat de overheid ouders stimuleert om hun zorgverantwoordelijkheden over te dragen aan de kinderopvang. Ouders moeten hun kinderen zelf kunnen opvoeden en het is de taak van de overheid om dit te faciliteren. Deze partij wil een brede vorming met aandacht voor cultuur, taal, maatschappij, geschiedenis en media. Het voorzieningenniveau moet in krimpregio’s op peil blijven, vindt de SGP. In de samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs mag de positie van kleine en bijzondere scholen dan ook niet onder druk komen te staan.

De SP ziet af van de nullijn voor leraren en wil extra investeren in het onderwijs. De partij maakt zich sterk voor kinderen met taal- en onderwijsachterstanden en verlangt dat medewerkers van kinderdagverblijven en voorscholen opgeleid zijn om deze kinderen te kunnen ondersteunen. Volgens de SP is cultuureducatie ook van groot belang. Gemeenten moeten actief zoeken naar nieuwe strategieën om onderwijs ook in krimpgebieden bereikbaar te houden.

Kinderen met een taalachterstand gaan als het aan de VVD ligt verplicht naar een voorschool. Daarvoor stelt de partij taaltoetsen in voor 3-jarigen. Bovendien wil de partij basisscholen belonen als zij goed onderwijs geven. De VVD pleit voor dagarrangementen met opvang, onderwijs, sport-, spel-, natuur- en cultuuractiviteiten. Kinderen met een beperking moeten zoveel mogelijk deelnemen aan het reguliere onderwijs, zodat zij hun kansen op de arbeidsmarkt en hun zelfredzaamheid vergroten. Kwaliteit staat voorop, daarom is de VVD alleen voor samenwerking tussen scholen als dit het onderwijs ten goede komt.

Delen:

javhide.com sexsut.com